EC86DDC8-1144-40E1-90D8-7E8DB9CF91CE.JPG
IMG_4077.jpg
86B0995E-4301-4B36-9F1A-3A0A80FF5B1D.JPG
De Schelpjes
 
De Schelpjes is onze dreumesgroep van 1,5 tot 2,5/3 jaar.​
Bij de Schelpjes staan warmte, geborgenheid, liefde, vertrouwen, natuur, rust en ritme centraal. In deze groep werken we met Fanny, Caro en Ingrid. Samen vormen wij de vaste gezichten voor onze mooie, unieke, prachtige en bijzondere wondertjes.​​

 

De dagen verlopen volgens een ritme waarin samendoen (aandacht voor elkaar) en vrij spelen centraal staan. Er ontstaat een ritme van in- en uitademen.

 

Gedurende de dag is er balans tussen aandachtig zijn naar elkaar en de vrijheid van het spelen. Verschillende onderdelen zoals vrij spelen, klimmen, klauteren, bewegingsspelen, speelhuisje, brood bakken, verhaal of poppenspel, mat met auto`s en blokken, eten en drinken, rusten en buitenspelen zijn in het dagritme opgenomen.

Wanneer een kind het vermogen heeft ontwikkeld om stevig te staan en stevig te lopen is er fysieke balans. Je zou ervan kunnen uitgaan dat dit een volgende stap is, alleen gaat dit in de ontwikkeling geleidelijk. Vanuit balans, een goede stabiele basis zal de dreumes zich fysiek steeds meer ontwikkelen en zijn fysieke grenzen verleggen. Een jonge dreumes is fysiek vooral een doen-er.

Klimmen, klauteren, glijden, dansen, rollebollen, enz. is vooral zijn dagelijkse bezigheid. Dit zijn momenten waarin het kind steeds meer zijn eigen lichaam ervaart en zich als het ware zelf schoolt om vertrouwd te raken met, en vertrouwen te hebben in zijn eigen lichaam. Hierbij is vallen en opstaan belangrijk. Een kind kan leren dat wanneer men over zijn eigen grens gaat het een vorm van onbehagen/ pijn ervaart. Ook dit is ontwikkeling. Emotioneel gezien speelt dit dan ook zeker een rol.

Het kind speelt dan nog egocentrisch, vooral met zichzelf. Vanuit het nadoen van wat hij bij een ander heeft gezien zal het wellicht uitproberen of hij het ook al kan, of de stap nog niet durven maken, zich nog te onzeker voelen. Zo ontstaat er een lijntje naar de ander en de omgeving. Naar buiten gericht om te zien wat er zoal om hem heen gebeurt, innerlijk meenemen en zelf uitproberen of het zelf ook lukt. Zo kom je dan in een fase dat een dreumes de nee-fase en alles-zelf-willen-doen bereikt.

 

Wat bieden we aan zodat er ruimte is voor deze ontwikkelingsfase?

 

Er zijn verschillende plekken in de groepsruimte waar de kinderen genoeg ruimte/plaats hebben om te rollebollen, te spelen en te dansen. Tijdens deze activiteiten bieden wij een spelvorm aan in de vorm en met thema die aansluiten bij de seizoenen waar de kinderen vanuit nabootsing kunnen spelen. Denk hierbij aan bijvoorbeeld dat wanneer de bolletjes in de grond liggen te wachten op de zon dat zij ontwaken. Kinderen liggen op de grond en springen omhoog wanneer het zonnetje ze gewekt heeft, (voorjaar). Wanneer we zingen er een dansje kan ontstaan dat samen met de kinderen gedaan wordt. Wanneer kinderen dit gezamenlijk doen komen ze fysiek in aanraking met de andere kinderen om hun heen. Men raakt elkaar aan en botst zo nu en dan.

Kinderen ontwikkelen hierdoor stabiliteit en of het als prettig of storend ervaren wordt wanneer andere kinderen zo dicht in de buurt zijn.

Ook vanuit deze positie blijft taal en taalontwikkeling een onderdeel van de ontwikkeling. Door herhaling en het steeds terug komen van perioden en seizoenen is en blijft er (h)erkenning.

Er is een klimtoestelletje met een glijbaan en een wobbelbord. Tijdens het gebruik maken hiervan wordt ook weer de ruimte en begrenzing ervaren wanneer men er alleen speelt of met meerdere kinderen samen.

Wilt u meer weten? Lees dan verder in ons pedagogisch beleidsplan.